Kamerleden bij AVR Afvalverwerking Duiven in gesprek met ondernemers over stikstof, innovaties en regionale praktijkvoorbeelden

In tijden waarin de roep om een drastische fijnstof- en stikstofreductie, een significant schonere binnenvaart en duurzame energie- en andere (circulaire) oplossingen almaar toeneemt, is het goed te weten dat Gelderland barst van de goede initiatieven om het tij in positieve zin te keren. Innovaties rondom stikstof zijn er genoeg en de wil om samen het verschil te maken is ruimschoots aanwezig, zo bleek vrijdag 6 maart jl. tijdens de periodieke Kamerleden-bijeenkomst van The Economic Board, dit keer bij AVR Afvalverwerking in Duiven.

Die locatie is niet zomaar gekozen, blijkt later tijdens de bijeenkomst als Michiel Timmerije en Simon Frans de Vries namens ‘hun’ AVR meer vertellen over ’s werelds eerste CO2-afvanginstallatie. Voordat het zover is, krijgen de ongeveer twintig aanwezigen, onder wie PvdA-Eerste Kamerlid Esther–Mirjam Sent, SGP-Tweede Kamerlid Roelof Bisschop en Tom van der Lee, Tweede Kamerlid namens GroenLinks, meer te horen over andere (regionale) initiatieven die op de een of andere manier linken aan het thema van vandaag: stikstof. Een thema dat, zoals Sigrid Helbig, directeur van The Economic Board, in haar openingswoord terecht opmerkt ‘regionale grenzen overstijgt’. “Daarom ben ik zo blij met de komst van deze drie Kamerleden. Ze vertegenwoordigen de landelijke politiek en kunnen van wat ze horen, wellicht weer dingen meenemen naar Den Haag. Het is tenslotte belangrijk om van en met elkaar te leren.

Gelderland is Nederland in het klein. We willen werk maken van het stikstofprobleem door de natuur te versterken, de emissie omlaag te brengen en gebiedsgerichte transities te versnellen.

Nederland in het klein

Kamerledenbijeenkomst Stikstof

Simone Balhuizen, programmamanager stikstof van de provincie Gelderland

Vervolgens neemt Simone Balhuizen, programmamanager stikstof van de provincie Gelderland, het woord. “Leg je de taartdiagrammen van Nederland en Gelderland over de zwavel- en stikstofemissie uit bouwen en wonen, industrie, landbouw en mobiliteit over elkaar, dan zie je nauwelijks verschil. Gelderland is Nederland in het klein. We willen werk maken van het stikstofprobleem door de natuur te versterken, de emissie omlaag te brengen en gebiedsgerichte transities te versnellen. Daarvoor moeten we de vergunningverlening vlot trekken en nemen we een mix aan maatregelen.”

Volgens Balhuizen is met de hele operatie, in juni aanstaande gevat in een gevalideerde uitvoeringsagenda, een bedrag van zo’n twee miljard euro gemoeid. “Alleen al het verduurzamen van de binnenvaart kost 800 miljoen euro, als je bedenkt dat de emissie op de Waal groter is dan die op alle provinciale wegen bij elkaar. De Veluwe legt extra druk op het dossier. Logisch. Het omvat veertig procent van alle Natura 2000 gebieden en is voor een belangrijk deel verantwoordelijk voor de longinhoud van Nederland.”

Op de vraag van Esther-Mirjam Sent of ze gerust is op een snelle uitvoering van alle plannen rondom de stikstofproblematiek, zegt Balhuizen: “De uitvoering is het meest kwetsbare onderdeel van het traject. Willen we echt het verschil maken, dan moeten we het met elkaar doen. Succes staat of valt met een goede samenwerking.”

Complex nautisch verhaal

Iemand wiens organisatie een belangrijke rol kan spelen in het verschonen van de (regionale) binnenvaart is Joop Mijland, CEO van containertransportorganisatie-over-water; BCTN Nijmegen. “We hebben acht terminals in Nederland en België, varen met zo’n 17/18 schepen in continue lijndienst. Onder onze klanten zitten grote jongens, zoals Heineken en NIKE, bij wie we aan tafel zitten om onze diensten te verkopen, maar met wie we ook praten over onze keuzes hoe schoner te varen.” En daarin zet BCTN serieuze stappen.

Mijland: “De DB MAX, ons eerste elektrische schip, gaat in juni in de vaart. Hiermee vervoeren we net zoveel containers als 132 vrachtwagens over de weg, al gauw goed voor 32 procent minder brandstofverbruik en een CO2-reductie van 40 procent. Verder zijn we bezig met een elektrische verbinding tussen Nijmegen en Hull. Een complex nautisch verhaal, maar per vaart wel goed voor 190 vrachtwagens minder op de weg.”

De DB MAX, ons eerste elektrische schip, gaat in juni in de vaart. Hiermee vervoeren we net zoveel containers als 132 vrachtwagens over de weg, al gauw goed voor 32 procent minder brandstofverbruik en een CO2-reductie van 40 procent.

Klant aan boord

Kamerledenbijeenkomst stikstof

Joop Mijland, CEO van containertransportorganisatie-over-water; BCTN Nijmegen

BCTN richt zich voor de schermen vooral op ‘de batterij’, maar erachter is de organisatie ook ‘ingestapt’ in gebieden die de toekomst van de binnenvaartbranche (mede) gaan bepalen, zoals waterstof, windenergie en de laadpunten-infrastructuur. “We weten niet wat de toekomst brengt”, aldus Mijland. “Waterstof is duur, maar wordt waarschijnlijk de belangrijkste innovatie, waar we dus wel op moeten inspelen.”

Dat begrijpt een aandachtig luisterende Tom van der Lee (GroenLinks) die zich wel afvraagt of de binnenvaart zo lang kan wachten op betaalbare groene waterstof. “Dat is precies het kruispunt waar we nu staan”, beaamt Mijland. “Laatst hebben we twee elektrische trucks aangeschaft, een enorme kostenpost. Willen wij verder en daarmee onze klanten verder brengen, dan moeten we keuzes maken. Mét de klant aan boord, een andere mogelijkheid is er niet.”

Warmte als bijproduct

Wie alles weet van waterstof is Arnoud van de Bree, algemeen directeur van Nedstack Fuel Cell Technology BV, een van de pareltjes op waterstofgebied in Arnhem. “Laat ik beginnen met de opmerking dat de kostenontwikkeling van waterstof razendsnel gaat. Wij leveren nu al waterstof tegen twee keer de prijs van diesel. En ja, elektrische bussen zijn goedkoper dan waterstofbussen, maar elektrische bussen kunnen door hun grote batterijen minder passagiers vervoeren en minder kilometers aaneengesloten rijden. Bovendien heb je te maken met lange oplaadtijden die waterstofbussen niet hebben.”

Laat ik beginnen met de opmerking dat de kostenontwikkeling van waterstof razendsnel gaat. Wij leveren nu al waterstof tegen twee keer de prijs van diesel.

In een helder verhaal schetst Van de Bree vervolgens kort de belangrijkste what en where abouts van ‘zijn’ bedrijf. “Onder het mom van Gas to Power maken we uit waterstof via een brandstofceltechniek elektriciteit, met warmte als bijproduct. We leveren elektriciteit voor hogere vermogens, vooral in de maritieme sector.”

Minder goed detecteerbaar

Kamerledenbijeenkomst stikstof

Arnoud van de Bree, algemeen directeur van Nedstack Fuel Cell Technology

Volgens Van de Bree (als reactie op een vraag uit het publiek) is het gebruik van waterstof in de gebouwde omgeving zeer wel mogelijk, al is hij niet meteen voorstander van waterstof als mogelijke oplossing voor de energietransitie in bestaande woningen. “Waterstof is het kleinste element in het periodieke systeem. Je kunt er geen geur aan toevoegen. Dat maakt het minder goed detecteerbaar dan andere gassen. Bovendien moet je compleet nieuwe warmtenetten aanleggen om waterstof te benutten. Aan de andere kant: Nederland heeft een enorm geavanceerd gasnetwerk. Daar valt iets mee te doen.”

Of en hoe dat gebeurt, hangt mede af van regelgeving en de politiek die mee moet helpen prioritering aan te brengen in het gebruik van groene waterstof in Nederland. Van de Bree: “Willen we als waterstoforganisaties beter samenwerken, dan is sturing nodig op vragen over welke toepassingen belangrijk zijn en hoe we die gaan produceren. Voordeel van waterstof ten opzichte van het landelijk gereguleerde elektriciteitsnetwerk, is dat door het kleinschalige karakter oplossingen sneller zijn te realiseren.”

Foodvalley-stikstof-reconstructieplan

Na de lunchpauze staat opnieuw het stikstofthema op het menu als Aart de Kruijf, wethouder in Barneveld en regiobestuurder van Foodvalley, zijn toehoorders meeneemt in het ‘stikstof-reconstructieplan’ van de Gelderse Vallei. “De in totaal acht gemeenten van Foodvalley nemen op stikstofgebied een bijzondere positie in. Als liefhebbers van de Veluwe houden ze ook het stikstofvraagstuk in stand. Wij denken kansen in huis te hebben voor de oplossing van het probleem, door anders om te gaan met agrarische én de andere bedrijven. Daarbij beginnen we niet op nul, omdat we als Foodvalley weten hoe we in triplehelix-verband innovaties in oplossingen moeten gieten.”

En daar weten Eltjo Bethlehem en Anne-Jo Smits, aanwezig namens Praktijkcentrum Emissiereductie Veehouderij (PEV), alles van. “Eind 2016 is in het kader van het terugdringen van fijnstof op de pluimveehouderij het Manifest Gezonde Leefomgeving Veehouderij Regio Foodvalley opgesteld”, aldus Bethlehem. “Er is gezocht naar innovators, Willie Wortels met goede ideeën, waarna met tien technieken praktijkmetingen zijn gedaan. Dit heeft zeven gevalideerde technieken opgeleverd, waarmee we behalve pluimveehouders ook andere veehouders kunnen bedienen, zodat we naast fijnstofmaatregelen ook actie kunnen ondernemen op het gebied van stikstof en geuroverlast.”

Intussen is een Regio Deal Foodvalley opgesteld, om de komende jaren innovaties te versnellen op het gebied van emissiereductie, veevoer en bodemkwaliteit. Anne-Jo Smits: “We hebben een proeftuin waaraan zo’n zeventig bedrijven meedoen en waar innovaties worden getest. We houden integrale metingen, zodat we het effect van emissie-reducerende maatregelen op de emissie kunnen achterhalen, maar meteen weten wat de maatregelen doen met diergezondheid en welzijn. Dit doen we aan de hand van een verdienmodel voor de veehouder. Uiteindelijk staat de boer aan het roer.”

Mineralen, energie en stoom

Kamerledenbijeenkomst stikstofAls laatsten zijn de gastheren van deze bijeenkomst, Director Energy & Residues Michiel Timmerije en projectmanager Simon Frans de Vries van AVR, aan de beurt. Uit het verhaal van Timmerije, in zijn rol verantwoordelijk voor ‘de achterzijde van de installaties’, blijkt snel dat AVR de laatste jaren energieker is (geweest) dan ooit. “Met het verwerken van 1,3 miljoen ton aan huishoudelijk afval en huishoudelijk afgeleid restafval op onze locaties in Duiven en Rozenburg, verwerken we zo’n 22 procent van de totale capaciteit in Nederland. Uit overgebleven as halen we mineralen die worden gebruikt voor nieuwe bouwstoffen. Verder produceren we elektrische energie, onder meer voor stadswarmte in de regio Arnhem-Duiven en in Rotterdam. Ook leveren we stoom aan de omliggende industrie.”

Badkuipmodel en ondergronds warmtepunt

Die inzet op meer energie uit afval zorgt voor een nieuwe dynamiek, bijvoorbeeld waar het gaat om levering van stadswarmte in de regio. Timmerije: “We bieden stadswarmte aan volgens een ‘badkuipmodel’. In de winter leveren we maximaal aan het netwerk, kunnen we alle warmtevragen invullen vanuit onze locaties. In de zomermaanden is er veel minder vraag en blijft warmte over. Die kunnen we heel inefficiënt omzetten naar elektriciteit, maar wij opteren liever voor opslag in een ondergronds warmtepunt. Dit vullen we ’s zomers met restwarmte na elektriciteitsproductie en in de winter pompen we de warmte terug voor lokaal gebruik. Zo kan het regionale warmtenet verder worden uitgebreid en wordt restwarmte meer en beter benut. Twee jaar geleden hebben we een haalbaarheidsstudie gedaan en zijn we aan de slag gegaan met een vergunningsaanvraag, omdat we op locatie Duiven de geschikte ondergrond hebben. Liefst gaan we aan de slag met proefboringen, maar op basis van bestaande wetgeving hebben we te maken met een onrendabele top. Daarin zoeken we ondersteuning.”

Samenwerking maakt het verschil

Helemaal up en running is ’s werelds eerste CO2-afvanginstallatie, waarmee AVR een deel van de CO2 -uitstoot terugwint voor gebruik in de glastuinbouw. Michiel Timmerije: “Glastuinbouwbedrijven hebben in de zomer een hoge CO2-vraag, terwijl ze nauwelijks elektriciteit en warmte nodig hebben. Dus gebruiken ze aardgas om CO2 te maken, terwijl warmte wordt weg-gekoeld. Die CO2 komt nu van ons. Vanuit Duiven leveren we jaarlijks 60 kiloton aan de glastuinbouw, vooral in het Westland, wat goed is voor 35 miljoen kubieke meter per jaar.”

Lees hier meer over hoe NEXTgarden in Lingewaard gebruikmaakt van CO2 afgevangen door AVR

Behalve als groeiverbeteraar voor gewassen, is CO2 bruikbaar als koelmiddel in brandblussers en in duurzaam beton, plus voor nog nieuw te ontwikkelen toepassingen. De Vries: “Die toepassingen zijn medebepalend in de discussie over CO2-gebruik of -opslag. In deze regio ligt de focus vooral op gebruik. En daar liggen kansen, ook in de glastuinbouw, bijvoorbeeld in de Greenport tussen Arnhem en Nijmegen.” Ter afsluiting volgt een film over het hoe, wat en waarom van de CO2-afvanginstallatie. Moraal van het verhaal en eigenlijk van de hele bijeenkomst: samenwerking maakt het verschil!

Voorbeeldprovincie Gelderland

Mooi om te zien vandaag is de enorme bereidheid en gedrevenheid om samen aan de slag te gaan”, constateert Kamerlid Roelof Bisschop na afloop. “Helaas staan wettelijke en praktische bezwaren innoveren nog geregeld in de weg, maar daar ligt een mooie taak voor de regio om via een gebiedsgerichte aanpak snel de juiste stappen te nemen.”

Voor wethouder Aart de Kruijf is nog maar eens duidelijk geworden dat regionale inkleuring helpt om uitdagingen, zoals op het gebied van stikstof, het hoofd te bieden. “Per regio zijn maatwerk en samenwerking nodig, waarbij je de regio niet te klein maakt. Wat dat betreft is het stikstofprobleem een thema waar je het polder-instrument in volle glorie kan uitrollen.”

We moeten de handen ineenslaan, waarbij de overheid moet faciliteren, deels moet voorfinancieren, om de natuur weer op kracht te brengen en ervoor te zorgen dat iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt.

Kamerlid Esther-Mirjam Sent is onder de indruk van de enorm innovatieve regionale kracht op onder meer het gebied van stikstofreductie en het hergebruik van de CO2-uitstoot. “Het gebeurt hier vanzelf. Ook omdat organisaties het thema belangrijk vinden, er een verdienmodel in zien. Als ‘Nederland in het klein’ is het daarom goed om juist hier, ook in deze regio, te experimenteren en belangrijke lessen naar nationaal niveau door te vertalen.” In die woorden kan Kamerlid Tom van der Lee zich helemaal vinden. “We moeten de handen ineenslaan, waarbij de overheid moet faciliteren, deels moet voorfinancieren, om de natuur weer op kracht te brengen en ervoor te zorgen dat iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt. En daarin speelt Gelderland, zo heb ik vandaag ook weer ervaren, met hier bedachte oplossingen een voorbeeldfunctie.”

Over de Kamerledenbijeenkomsten

Drie keer per jaar organiseert The Economic Board samen met regionale partners een werkbijeenkomst voor Eerste en Tweede Kamerleden. Tijdens die bijeenkomsten presenteren regionale organisaties ontwikkelingen en uitdagingen op actuele thema’s en gaan daarover in gesprek met de Kamerleden. Op deze manier brengen we de regio Arnhem – Nijmegen – Wageningen onder de aandacht in Den Haag en geven we Kamerleden relevante informatie en haakjes mee, die ze kunnen gebruiken tijdens hun werkzaamheden. Lees er hier meer over.

Meer over bijeenkomsten voor Kamerleden

Dit artikel delen

FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp
FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp