Enzyre

Hemofiliepatiënten meten binnenkort zelf stollingswaarde in bloed

Enzyre, drie jaar geleden gestart als een spin-off van het Radboudumc, ontvangt een EFRO-subsidie van twee miljoen euro voor het ontwikkelen van een biochip waarmee hemofiliepatiënten met een paar druppels bloed hun eigen stollingswaarde direct kunnen meten. Hiermee is het mogelijk de medicijnopname te optimaliseren.Ik wil deze fantastische technologie mee door ontwikkelen zodat het straks door patiënten gebruikt kan worden”, aldus de zojuist benoemde CEO, Dirk Pollet.

De subsidie is toegekend door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Waander van Heerde, medeoprichter van Enzyre: “The Economic Board heeft ons geholpen met de aanvraag. Een hele mooie geste waar ze alle credits voor verdienen”. Daarnaast heeft de ontwikkelaar van de biochip eigen financiering verkregen van zogeheten business angels en bestaande aandeelhouders zoals het Radboudumc.

Met elkaar gaan we het voor elkaar krijgen. Wij bevinden ons op het kruispunt van technologische en medische kennis. Ons project leent zich ervoor hiertussen een brug te bouwen.

Hiermee wil Enzyre binnen twee jaar een prototype klaar hebben voor patiënten met hemofilie, een aangeboren bloedstollingsziekte. “Patiënten hoeven dan niet meer naar het ziekenhuis, maar kunnen thuis het stollingsgehalte in hun bloed meten en direct hun medicatie aanpassen”, legt Waander van Heerde uit.

Naast CSO van Enzyre is hij stollingsfysioloog van het hemofiliebehandelcentrum van het Radboudumc, waar patiënten met hemofilie minimaal tweemaal per jaar worden onderzocht. “Uit onderzoek is gebleken dat zo’n 53 procent van de patiënten zich niet houden aan de afspraken die met de arts gemaakt zijn. Ze passen hun behandelplan aan aan de omstandigheden. Bij andere stollingsmedicatie, zoals bloedverdunners, nemen ze vaak het medicijn helemaal niet in omdat ze niet weten of het nodig is. Dat veroorzaakt regelmatig onnodige bloedingen. Veel mensen hebben dus belang bij een goede monitoring van het stollingsgehalte in hun bloed.”

‘Wat moet ik met al die techneuten?’

Twee jaar geleden kwam Waander van Heerde naar de Novio Tech Campus om Enzyre verder uit te bouwen. “Wat moet ik met al die techneuten?”, was zijn eerste reactie. Nu ziet hij in dat deze partners buiten de gezondheidszorg van grote toegevoegde waarde zijn. “Met elkaar gaan we het voor elkaar krijgen. Wij bevinden ons op het kruispunt van technologische en medische kennis. Ons project leent zich ervoor hiertussen een brug te bouwen.”

Zo produceert NXP de sensoren en leveren Sencio en EPR de elektronica om de metingen te kunnen doen. Deze drie bedrijven zitten allemaal op de Novio Tech Campus. De testen om de stollingsfactoren te meten, zogenaamde reagentia, ontwikkelt en valideert Enzyre zelf. Daarnaast levert Seventh Sense Biosystems uit Boston het apparaatje waarmee het bloed straks wordt verzameld. De Radboud Universiteit en het Radboudumc zijn eveneens betrokken bij onder meer het testen van het apparaatje bij patiënten.

Omdat we als klein bedrijf de wereld niet alleen kunnen veranderen trekken we samen op met farmaceuten.

De markt betreden

Voor het doorontwikkelen van het prototype en het betreden van de markt is Dirk Pollet als nieuwe CEO aangetrokken. Hij heeft 35 jaar ervaring met betrekking tot verschillende aspecten van in vitro diagnostica. Denk aan productontwikkeling en -management, juridische zaken en regulering, Dirk Pollet heeft meerdere bedrijven in deze branche geleid en succesvol verkocht, waaronder Multiplicom NV. “Ik wil deze fantastische technologie mee door ontwikkelen zodat het s

Enzyre

Het team van Enzyre met CEO Dirk Pollet (geheel links), CFO Guido Maartens (derde van links) en CSO Waander van Heerde (geheel rechts)

traks door patiënten gebruikt kan worden. Eenvoudige dingen zijn al gedaan. Als we verschil willen maken, moeten we deze ingewikkelde zaken aanpakken.” Naast Dirk Pollet en Waander van Heerde is CFO (voormalig CEO/CFO) Guido Maartens het derde directielid.

Met de EFRO-subsidie wil Enzyre uitgroeien naar vijftien mensen. De komende tijd werken zij vooral aan de basistechnologie zodat deze over twee jaar door patiënten getest kan worden. Bij een succesvolle basis zet Enzyre de volgende stap; een biochip voor patiënten met bloedstoornissen in een acute setting (trauma) en – ten derde – voor patiënten die antistollingsmiddelen gebruiken. Daarmee wil Enzyre de Westerse markt betreden.

Dirk Pollet: “Binnen vijf jaar moet dat lukken. Omdat we als klein bedrijf de wereld niet alleen kunnen veranderen trekken we samen op met farmaceuten. Zij helpen ons de markt te openen, zodat we toegang krijgen tot de patiënten. Hoe meer mensen er gebruik maken van onze biochip, hoe goedkoper het wordt. Op die manier komt onze technologie straks hopelijk ook beschikbaar voor patiënten in niet-westerse gebieden.”

FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp