Bereikbaarheid, duurzaam vervoer

Lunchbijeenkomst met landelijke en regionale vertegenwoordigers bespreekt problematiek fysieke en digitale bereikbaarheid

Maandag zes november kwamen regionale vertegenwoordigers en Eerste- en Tweede Kamerleden samen bij CCV in Arnhem voor een lunchbijeenkomst over de digitale en fysieke bereikbaarheid van en in de regio. Tijdens de lunch werden verbindingen gelegd tussen de aanwezige politieke vertegenwoordigers, het bedrijfsleven en kennisinstellingen.

De bijeenkomst werd georganiseerd door The Economic Board, met als gastvrouw Enny van de Velden van CCV. Een bedrijf dat volgens aanwezig boardlid Marcel Hielkema een ware parel van de regio is: “Een van de dingen die onze regio siert is bescheidenheid, maar soms mogen we wel iets meer van de toren blazen. Precies dat wat we van bedrijven verwachten, continu innoveren, is wat CCV doet.”

Uit de Economische Barometer blijkt dat het goed gaat met de ondernemers uit de regio. Het vertrouwen is groot, maar er zijn twee knelpunten waar ondernemers van wakker liggen. Eén is de arbeidsmarkt – ondernemers hebben problemen met het invullen van vacatures, door een mismatch van vacatures en de gegadigden. Het tweede punt waar men tegenaan loopt, is de bereikbaarheid van de regio. Hielkema: “Als we het hebben over bereikbaarheid dan hebben we het over databereikbaarheid; de datacenters, leidingen, snelheid van data. Het andere is de fysieke bereikbaarheid; de aanwezige infrastructuur, het openbaar vervoer en gedrag.” Van de Velden signaleert het probleem: “Als we kijken naar de bereikbaarheid van dit gebied met het openbaar vervoer, dan is dat hier ongelofelijk lastig. Mensen die hier in de buurt wonen, moeten toch eerst met de bus naar het station en dan weer met de bus hierheen. Dat duurt te lang.”

Fysieke bereikbaarheid

De wensenlijst om de fysieke bereikbaarheid van het gebied te verbeteren, zoals de verlenging van de A15 of de verbreding van de A12, is lang, zo haalt Hielkema aan. Via verschillende kanten wordt dit lijstje onder de aandacht gebracht, onder meer bij de nieuwe minister. Hielkema: “Een van de grotere projecten die we hebben liggen is de versnelling van de ICE. Er is een hele mooie ICE-verbinding tussen Amsterdam en Frankfurt en deze regio ligt daar midden tussenin. Aan de Nederlandse kant gaat de ICE echter maar 140 km/u, daar waar hij in theorie 300 km/u zou kunnen. Aan de Duitse kant doet hij dat immers ook.” Uit onderzoek van de provincie Gelderland, The Economic Board, VNO-NCW Midden en de gemeenten Arnhem en Nijmegen blijkt dat de ICE ook in Nederland sneller zou kunnen rijden, waardoor er in totaal 23 minuten tijdswinst behaald kan worden. Het aantrekkelijker worden van de ICE als vervoersmiddel leidt tot de volgende ontwikkelingen:

  • De regio Arnhem – Nijmegen wordt een aantrekkelijkere optie als woon- of werklocatie voor forenzen;
  • De regio wordt aantrekkelijker voor voor bedrijven om zich hier te vestigen;
  • Minder auto’s op de weg en dus minder files, waardoor dit ook voor het klimaat voordelig is;
  • Er kan makkelijker aansluiting worden gevonden bij de financiële sector in Frankfurt, wat zeker met Brexit in het vooruitzicht een belangrijke stap is. Frankfurt wordt dan namelijk het Europese centrum voor bankzaken.

Peter Papegaaij van de provincie Gelderland licht toe waarom het belangrijk is om vooral samen door te gaan met het plan voor de versnelling: “We moeten één gezamenlijk verhaal vertellen: het gaat niet alleen om de ICE. Het einddoel levert voor meer partijen heel veel op.” Een van de knelpunten is bijvoorbeeld de spoorboog in Arnhem-Oost. Het oplossen van dit probleem levert niet alleen winst op voor de ICE, maar ook voor de Betuweroute, de treinen naar de Achterhoek en de IJssellijn tussen Zwolle en Tilburg. “De ICE is het symbool, dat gaat om zo’n drie miljoen passagiers per jaar. Als je echter kijkt naar alle binnenlandse passagiers en die in Duitsland, dan gaat het om tientallen miljoenen. Dan wordt het een heel ander verhaal.”

Digitale bereikbaarheid

Pieter de Boer van VNO-NCW Midden vertelt over het project digitale bereikbaarheid in de regio, dat het stempel recommended by The Economic Board draagt: “We zijn tot de conclusie gekomen dat er in de regio veel kennis is over ICT, de infrastructuur ligt er en de datacenters zijn aanwezig. De cross-over tussen de verschillende verstedelijkte regio’s en de partners is echter niet aanwezig. Daarom is er een projectgroep bij elkaar geroepen.” De ambitie van die groep is om de kennis van Food, Health en Energy te verbinden aan de digitale infrastructuur die al aanwezig is, maar ook om de verschillende partijen in de regio met elkaar in contact te brengen.

Digitale bereikbaarheid speelt ook op lokaal niveau een belangrijke rol. Wethouder Ellen Mulder van de gemeente Doesburg loopt tegen het probleem van de beperkingen op het gebied van het doortrekken van de leidingen voor glasvezel aan: “Er wordt heel snel gezegd, met 4G kom je ook een eind. Dat is leuk als je een filmpje wilt kijken, maar niet als je voor je bedrijf aan het werk bent. En je wilt je gebied ook aantrekkelijk houden voor de jeugd: met 4G lukt dat niet meer.” Papegaaij: “Waar je tegenaan loopt is dat internet geen Nutsvoorziening is, waardoor het onder de mededingingsregels valt. Je mag geen glasvezel aan leggen in buitengebieden en dat levert veel frustraties op.” Ook in deze regio moeten er echter ontwikkelingen (kunnen) plaatsvinden. De Randstad wordt niet alleen te druk boven de grond, maar ook onder de grond. Er is daar nauwelijks plek om nieuwe leidingen te leggen.

Eerste en Tweede Kamer

Tijdens de lunch werden de Eerste en de Tweede Kamer vertegenwoordigd door Maria Martens, CDA- en Eerste Kamerlid, en Remco Dijkstra, VVD’er en Tweede Kamerlid. Martens: “Ik ben blij met dit soort bijeenkomsten omdat ze in Den Haag graag geïnformeerd worden over wat er in de regio speelt. Niet alleen bij de overheid, maar juist ook bij ondernemers en kennisinstellingen.” Vanuit de Tweede Kamer was Dijkstra aanwezig om de problematiek tot zich te nemen en om te kijken waar hulp geboden kan worden bij het oplossen van deze problemen: “Dat is wat ik mooi vind aan The Economic Board: ze bewerkstelligt samenwerking in de regio tussen de bestuurders, bedrijfsleven en de kennisinstellingen. Het draait niet alleen maar om Arnhem of om Nijmegen, maar om samen. Er wordt niet meer in hokjes gedacht. Wat ik bijzonder vind is dat de bereikbaarheid in deze regio ineengrijpt. Zowel de fysieke kant, de bereikbaarheid van binnensteden en het slimmer maken van het ov, als de digitale kant, het gebruikmaken van de beschikbare data op een slimme manier. Dat hoeft niet per se veel te kosten.”

FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp
FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp